Comment

Fraukebrief 26 Is kiezen verliezen?


‘De kiezer heeft altijd gelijk’?

Beste Lezer,

Washington-14.jpg

Is kiezen verliezen: dat vraag ik me al weken af. Ik hoop, lezer, dat jij voor jezelf het antwoord op die vraag hebt gevonden.

‘De kiezer heeft gesproken’, wordt gezegd, en ‘de kiezer heeft altijd gelijk’.

Maar hoe komt het dat de kiezer in de andere helft van het land niet alleen een andere taal spreekt, maar ook een ander gelijk heeft? En dat nog wel in een land met eenzelfde federale regering. Allerlei nieuwsuitzendingen en blaadjes hebben daar een uitleg voor, maar ik heb zo mijn eigen gedacht.

Hoe komt de kiezer aan zijn mening? De kranten doen net alsof elke burger, vooraleer te gaan kiezen, grondig heeft zitten nadenken over hoe het land werd bestuurd, en heeft berekend wat vroeger beter was dan nu… Kan zijn. Maar hoe krijg je een eigen mening en is dat wel je ‘eigenste’ mening? Werkt het niet een beetje zoals in de reclame: het waspoeder met de aantrekkelijkste verpakking en het strafste praatje kopen we omdat we denken dat dat het beste is? Of als we honderd keer horen dat onze aders dichtslibben van boter, dan denken we dat we doodgaan van boter. Meer nog: we worden bang van boter. Wiens mening is het dan eigenlijk? Die van ons of deze van de reclame? Stel nu dat elk landsgedeelte een ander verkoopspraatje heeft gehouden: zou het dan kunnen dat er andere ‘eigen’ of ingefluisterde meningen ontstaan? Misschien bestaat er wel zoiets als een verkiezingsfluisteraar. Het zal wel net iets ingewikkelder zijn dan dat, maar toch... Ik heb zo mijn gedacht over ‘het gelijk van de kiezer’ en wie hem of haar wat influistert.

Neen, lezer: ik ga je mijn eigenste gedacht daarover niet in een zilveren papier aanbieden; bedenk of vorm jij maar je eigen mening daarover.

Wie gelijk heeft laten we voorlopig in het midden, de toekomst zal het uitwijzen. Wat ik intussen wel weet is dat elk waspoeder zijn eigen mankementen heeft maar het ene is al schadelijker dan het andere. Uitkijken dus!

 

Mvg,

 

Frauke J.

 

Comment

Comment

Frauke verkiezingspostkaarten 10

Voor een warme samenleving

wens ik dat:

wat we zelf doen niet altijd beter is: het kastje in de muur mag dan efficiënt zijn en goedkoop, het is ook koud en zorgt voor leegte.

 Banken, openbaar vervoer, ziekenhuizen, warenhuizen: ze vervangen hun menselijke dienstverlening meer en meer door onlin systemen. Ook daar is nadenken nodig vooraleer te doen Treinen zonder bestuurder, loketten zonder mensen missen, tja: menselijkheid. Voor mij liever geen samenleving waar je enkel nog onthaalkasten en mensen met koptelefoons tegenkomt.

Voor een warme samenleving

 wens ik dat:

ook de ongenode gast gedurende zijn verblijf bed, bad en brood krijgt. En niet te vergeten de noodzakelijke sanitaire stop.

 Mensen als mensen behandelen is mijn leuze. Soms lijkt het alsof iedereen die op zoek is naar een beter leven, om welke reden dan ook, schorremorrie is.

 

Comment

Comment

Frauke Jemand Verkiezingspostkaarten(8)

Voor een goed onderwijs

wens ik dat:

 Kinderen en jongeren aan het einde van hun schoolrit niet krom staan van het dragen van te zware boekentassen. Dat ze met plezier aan hun schooltijd terug kunnen denken niet voortijdig afhaken en zin hebben in meer.

 ik zie ze hier aan mijn deur voorbij komen, de kinderen, ze zijn zwaar geladen en kijken soms zo ernstig. Sommigen lijken wel sombere volwassenen. Ze zien te bleek van al dat binnen zitten, gelukkig konden ze de laatste tijd de donderdag op straat wandelen voor het klimaat.

 

Fraukes_Voorraad-3.jpg

Comment

Comment

Frauke Jemand Verkiezingspostkaarten (7)

Voor een goed onderwijs

wens ik dat:

 Kinderen en jongeren opleiden tot creatieve, goede en rechtvaardige volwassenen die kunnen lezen en schrijven, rekenen en hun talenten ontdekken het doel is.

Van het gekibbel over eindtermen versta ik niet veel, maar soms vraag ik mij af of we niet te veel verwachten van het onderwijs. Kinderen leren op zoveel verschillende plaatsen, en ook van het leven zelf valt veel te leren. Ze leren van goede voorbeelden, sterke persoonlijkheden en van hoe volwassenen zich gedragen. Het onderwijs hoeft het niet allemaal alleen te doen.

 

 

 

Frauke_Verkiezing-4.jpg

Comment

Comment

Frauke J. Verkiezingspostkaarten(7)

Voor een goed samenleven

wens ik dat:

 politici en burgers samenleven in een wereld met ‘meer magjes dan moetjes’.

Kinderen leren op school via moetjes en magjes dat er verplichtingen en uitdagingen zijn. Zo leren ze volwassen worden.

Verstik op hun beurt de volwassenen niet met het uitvinden van een nieuwe wet voor elke hindernis die op de weg ligt. Ook volwassenen kunnen nog groeien door aanmoediging om het goede te doen en het kwade te laten. Anders gezegd: geef basisregels en uitdaging om de eigen verantwoordelijkheid op te nemen.

 

wens ik dat:

 ‘Elke Niemand gezien wordt als een Iemand’

Niemand is vaak het synoniem van ‘iedereen', van de ‘mensen’. Dat houdt in dat men in onze naam durft te praten, immers: ‘de mensen zeggen…’. Intussen blijft onze eigen stem in de straten, in huizen en treinen hangen. In naam van ‘iedereen’ worden verschillende waarheden verkondigd.

Alle niemanden denken ook na, praten met andere niemanden en zijn wel degelijk ‘Iemand’ waar echt naar geluisterd kan worden.

 

Comment

Comment

Frauke Jemand Verkiezingspostkaarten(6)

Voor een goed samenleven

wens ik dat:

politici en burgers eerst nadenken en dan pas doen.

Slogans over ‘actie’ en ‘doen’ zonder nadenken vooraf: die lossen problemen niet echt op maar verleggen ze enkel.

Het is zelfs letterlijk verleggen: ik denk hierbij aan de bushalte bij het station Brussel Noord. Buschauffeurs en reizigers zijn uit een penibele situatie gered, de arme sloebers blijven zitten in eigen vuil. Ligt de nieuwe oplossing opnieuw in het park?

 

Frauke_Verkiezing-5.jpg

wens ik dat:

politici en burgers correct spreken met elkaar.

Vroeger zei men: ‘Draai zeven keer of zelfs meer je tong in je mond rond vooraleer je praat.’ Politici zouden dit beter ook doen.

Want zo werkt het nu: je stuurt een straffe uitspraak de wereld in, je wekt de aandacht van de media. Vervolgens mag je, opnieuw in de media, uitleggen dat je het zo niet bedoelde. Het is opnieuw aandacht maar een misleidende truuk om aandacht en niet correct t.a.v. de zo geliefde ‘gewone mens’.

Comment

Comment

Frauke brief 25: Is kiezen verliezen?(5)

De wenskaart

 

Beste Lezer,

Wanneer ik de aanplakbrieven op borden in tuinen, velden en aan de ramen zie krijg ik ‘een onweerstaanbare drang’ om ook mijn persoonlijke kleine affiche te maken. Ze is niet groter dan een postkaart. Neen: liever geen foto van mezelf op de briefkaart, ik hou me liever ver van camera’s. Ook geen scheldpartij noch leugens over andere partijen omdat ik u, lezer, dan zou bedriegen. Gezien de beperkte plaats kan elke postkaart maar enkele bescheiden wensen bevatten. Ik spreek van wensen, en niet van beloftes, om de goede reden dat ik partij noch partijlid ben maar een gewone burger. Waarom zou er naast de verkiezingspanelen ook geen paneel met wensen van gewone burgers mogen staan? Je zou dan kunnen nagaan of wensen en beloftes overeenkomen. Alles kan gezegd, kan getekend worden op het kieswensbord van de burger.

Frauke_Verkiezing-1-2.jpg

In plaats van één groot aanplakbiljet hang ik dan om de zoveel dagen een postkaart naast mijn vorige postkaart. Op die manier kom ik toch aan één groot aanplakbord bestaande uit vele wenskaarten. Elke postkaart bevat slechts enkele bescheiden wensen over een thema dat van groot belang is, en dit niet enkel in verkiezingstijd.

Het motto van mijn wensencampagne is: ‘Een Niemand is ook Iemand’

 

Mvg,

 

Fr. Jemand

 

 

 

Comment

Comment

Frauke brief 24: Is kiezen verliezen? (4)

Beloftes

 

Beste Lezer,

Waar was ik gebleven? Ach ja: bij de aanplakborden, de lachende gezichten en de mooie beloftes. Wanneer je de borden bekijkt lijkt het wel je eigen roze vakantiegeld- droom. In de periode vooraleer het vakantiegeld toekomt droom ik wekenlang wat ik er allemaal mee kan doen. En hoewel veelbelovend, toch kom ik met vakantiegeld vaak bedrogen uit, of liever: het is veel rapper op dan in mijn grootse dromen. Soms is het maar net voldoende om eerder veroorzaakte gaten in mijn financies opnieuw te vullen.

Frauke_Verkiezing-20.jpg

Ik vermoed dat dit voor politici en hun partijen in de periode voor de verkiezingen niet anders is. Laatst zag ik in de krant dat een bureau de rekening maakte van wat beloftes de partij zouden kosten. Heel netjes rekenden ze voor hoeveel elke beloftevolle slogan zal kosten wanneer één of andere partij aan het bewind komt. Er werd daarbij geen rekening gehouden met de nog te delgen financiële putten. Geloof me vrij: er zijn er die meer dan het vakantiegeld opdoen.

En toch vind ik dat het ons er niet van moet weerhouden om te dromen, het is uit dromen dat er soms iets nieuws of iets anders wordt geboren. Misschien helpen dromen zelfs om ongekende wegen te bewandelen en gemaakte schulden in te lossen.

Maar dromen is nog iets anders dan beloven. ‘Belofte maakt schuld’ zegt het spreekwoord ‘..en wie ze niet vervult…’. Wanneer een belofte niet nagekomen wordt voel je je bedrogen. Ik toch.

Wanneer ik er dieper over nadenk, beste lezer, dan kies ik: voor grootse dromen en realistische beloftes.

 

Mvg, 

Fr. Jemand

Comment

Comment

Fraukebrief 23: Is kiezen verliezen?(3)

‘De aanplakborden’

Beste Lezer,

Iedere mens heeft wel een favoriete bezigheid. In verkiezingstijd is dat voor mij: aanplakborden bekijken. Aanplakborden horen bij verkiezingen als boter bij de vis, als hamer bij aambeeld…

Frauke_Verkiezing-24.jpg

Ik hou van die grote grove lege borden die plompverloren in straten en wijken staan. Eerst zijn ze bruin en leeg met hier en daar nog een rest affiches van vorige verkiezingen. Even later zijn ze beplakt met netjes gegroepeerde kleurenvlakken, kleur bij kleur elk in zijn vak. Het zijn kleuren die passen bij een bepaalde partij: blauw naast blauw, rood naast rood, groen bij groen, oranje boven oranje enz…. Nu ziet dat er allemaal netjes uit, maar het is ooit anders geweest. Ik herinner me nog hoe plakploegen ’s nachts op pad gingen en op de uitkijk stonden om de affiches van de ene partij meteen te overplakken met eigen affiches. Na enkele weken stond zo een bord bol van de laagjes opeengeplakte glimlachende gezichten. Maar nu zijn de regels de regels.

Ik hou ook van de veelbelovende gezichten op de affiches, ze kijken me vriendelijk aan. Voor even mag je in de weken voor de verkiezingen in het sprookje geloven. Belastingvermindering hier, werkduurverkorting daar, gratis zorg voor (bijna) iedereen, pensioenen omhoog, onderwijs vol van gelijke kansen,…

Het is leuk om even mee te dromen. En toch verschijnen na een tijd hier en daar schoonheidsvlekken op de borden. Je hebt het wellicht ook al gezien: bijgetekende snorren en brillen, scheldwoorden al dan niet in graffiti. Er zijn zelfs mensen die het nodig vinden om onverbloemd hun mening bij een politicus te schrijven.

Netjes is het niet maar het geeft wel wat extra jus aan een kiescampagne.

Wat jij, lezer?

Ga jij straks ook op verkiezingsbordenwandeling door jouw stad of dorp?

 Mvg,

 Fr. Jemand



 

Comment

Comment

Frauke brief 22 Is kiezen verliezen? (2)

‘Wij luisteren naar u’

Beste Lezer,

 In verkiezingstijd hebben alle partijen het over de ‘gewone mensen’. Ze willen dicht bij de ‘gewone mensen’ staan en, meer nog: ze willen luisteren naar de ‘gewone mensen’. Maar wie zijn dat: gewone mensen? Voel jij je aangesproken, lezer? En weten die partijen wel hoe moeilijk dat is: luisteren?

Wij luisteren-1.jpg

Eerlijk gezegd, ik maak me zorgen.

Luisteren: ik stel voor het zelf eens te proberen. Stel dat iemand je vraagt hoe het met je is: vertel dan over recente gebeurtenissen in je leven en hoe je je daarbij voelt. Wedden dat de vraagsteller in de helft van je verhaal al twee straten verder is of, beter nog: je krijgt meteen een verslag van zijn eigen leven. Ha!

Luisteren is echt iets moeilijks.

Onlangs had mijn trein een hopeloze vertraging. Ik dacht enkele andere passagiers aan te spreken over de oorzaak en zocht gezelschap in de wachtzaal van het station. Ik zag een jonge vrouw breed glimlachen, het leek me een uitnodiging en even breed glimlachend stapte ik op haar af. Maar toen ik dichterbij kwam zag ik dat ze druk praatte tegen haar phone in een andere taal. Ze praatte wellicht met iemand aan de andere kant van de wereld en glimlachte naar dat andere deel van de aardbol.

In diezelfde wachtzaal zaten nog wat mensen met een koptelefoon op, of tegen een phone te praten. Enkele ouderlingen waren in gedachten verzonken. Ik vroeg iemand hoe het kwam dat de trein vertraging had. De man schrok op uit zijn gepeins en begon te schelden: dat treinen altijd vertraging hebben! En dat het een schande was! En dat hij zijn aansluiting alweer zou missen!. Kortom: ik kreeg veel antwoorden maar niet op mijn vraag, en gesteld dat ik zelf zou willen luisteren: tja, veel gesprek zat er niet in.

Het lijkt me voor een politieke partij extra moeilijk om te luisteren. Vooral wanneer ze er nog ‘naar gewone mensen’ aan toevoegt. Hoe doe je dat als partij?

Ga je de straat op? De wijken door? Maak je dagelijks trein- en busritten? Zit je een dag in een station, ook in de donkere, slechtruikende hoeken? Ga je van bed naar bed in de ziekenhuizen? Op café? Schuim je de markten af? Zit je mee aan tafel in bedrijfskantines of heb je ijverig alle klachten, slogans, eisen genoteerd van in het verleden gelopen betogingen of stakingen? 

Organiseer je hoorzittingen in wijken en dorpen zoals die Franse president? Geef je jong en oud, inclusief gele hesjes, een audiëntie? Ze mogen het mij komen vertellen, de partijen; ik wil graag naar ze luisteren, tenminste: indien ze niet de hele tijd door elkaar praten en mekaar het woord afnemen.

 

Mvg,

 

Frauke J



Comment

Comment

Fraukebrief 21: Is kiezen verliezen?

Beste Lezer,
 
‘De… is begonnen’ hoorde ik enkele maanden geleden een nieuwslezer zeggen. Ik had maar met een half oor geluisterd, was nog in de keuken bezig, en dacht dat er een oorlog was uitgebroken. Op de achtergrond klonken woorden die op oorlogstaal leken: het ging over ‘barricades opwerpen’ , ‘de juiste wapens gebruiken’, ‘onze tegenstander’ enz…Het duurde dus even vooraleer ik doorhad dat de journalist het over de opstart van de kiescampagne had.

Frauke_Verkiezing-3.jpg

Sinds die dag ben ik alert voor verkiezingstaal. Hoe ik dat merk, en of ik misschien bij één of andere partij ben aangesloten, vraagt u zich wellicht af. Maar nee, niets van dit alles. Wanneer je goede voelhorens hebt, dan zie je en hoor je dat er iets op til is. 
Om te beginnen wordt de toon van onze politici bitsiger. Ze spreken over ‘sommige politici die er een puinhoop van hebben gemaakt’ of over ‘slecht beleid door bepaalde partijen’. Maar bij ‘sommige’ en ‘bepaalde’ hebben ze wel degelijk iemand of een partij in gedachten.

De politici spreken ook meer gehaast. Tijdens rondetafelgesprekken zitten ze meteen in de verdediging, ook al valt er op dat ogenblik niets te verdedigen.

Naast dat steekspel is er nog iets bijzonders: de thema’s waarover ze spreken. Neem nu ‘het klimaat’: dat staat hoog op de lijst van te bespreken thema’s. De kunst is om zeer geloofwaardig over te komen en dat doe je bij voorkeur door het klimaatvoorstel van een ander af te keuren.

Zo zijn er nog enkele belangrijke thema’s, zoals de vluchtelingenproblematiek en criminaliteit (drugs en veiligheid in het bijzonder). Zelden wordt gesproken over de inhoud van het thema bv. wat hebben wij te doen als burgers? Hoe kunnen we hiermee omgaan? Neen: ze spreken in termen van goed en kwaad, zwart of wit. Wat heeft de voorganger fout gedaan en wat doe ik beter? Ja, ook daar is het motto ‘wat we zelf doen doen we beter’.

Maar wat als wij straks voor ‘de goei’ kiezen en zij de volgende dag een verbond sluiten met ‘de slechten’? Ik vraag mij altijd af hoe ondanks al het gekibbel en zelfs geruzie die partijen de brokken lijmen en, meer nog: meteen ook opnieuw vriendjes kunnen worden. Wanneer ik zie hoe moeilijk het al is om samen met buren een feest te organiseren, dan ben ik er verbaasd over hoe al die kibbelende partijen meteen kunnen samenwerken, zelfs samen een gewest, een land besturen.
Ik heb altijd gedacht dat je goed moet overeenkomen om te kunnen samenwerken.  

Wat dacht jij, lezer?


Mvg,
 
Frauke J.
 

Comment

Comment

Fraukebrief 20 : Moeilijke woorden: 'Interessante vrouwen'

Beste lezer (of schrijf ik vandaag beter: lezeres),

Het is vandaag internationale vrouwendag. In sommige landen krijgen de vrouwen dan bloemen al hebben ze misschien liever een hoger loon.
In ons land worden allerlei initiatieven opgezet. Er wordt o.a. moeite gedaan om sommige straten namen van interessante vrouwen te geven.
Ik weet niet hoe u erover denkt, lezer(es), maar zelf heb ik daar niks op tegen.
Meer dan de actie zelf moet ik nadenken over de uitdrukking ‘interessante vrouwen’.
Wie zijn die interessante vrouwen? 
Hoe weet je dat iemand interessant is?
En wanneer ben je interessant?
Om meer duidelijkheid te krijgen heb ik de encyclopedie even opengedaan en daar vind ik andere woorden voor interessant: aangrijpend, aantrekkelijk, de aandacht trekken, wat je aandacht in beslag neemt. Het duidelijkst vond ik deze verklaring: ‘wat je interesse wekt en je wil daar meer over weten’.

Frauke-63.jpg

Zo ben ik gisteren bv. behoorlijk wat interessante vrouwen tegengekomen: zoals die twee dames aan een tafeltje in een bomvol koffiehuis. Ik zocht een plaatsje en één van hen zei: ‘Zet u maar hier mevrouw, er is geen plaats, we delen wel’. Of die vrouw op de bus met drie kinderen aan haar rokken en ééntje in de koets. Hoe ze haar oudste een ticket liet kopen. Of de verpleegster die enthousiast naar aders in mijn armen zocht en na drie keer fout prikken de moed had een collega te roepen. Of die vrouw met een rode hoed op lang sluik grijs haar, ze draagt in pakjes en zakjes haar hebben en houden met zich mee. En niet te vergeten de toiletdame in het grootwarenhuis: ze blijft glimlachen. Al deze vrouwen intrigeren mij, ik zou ze willen kennen, een babbel met hen slaan, en ik zou er nog veel meer willen kennen. Van mij verdienen ze allemaal een straatnaam: de Maria, de Mieke, de Antoinette, de Julia en Leastraat, de Marina, de Claudia en de Ritastraat….een bond boeket van vrouwennamen mag van mij de straten en zelfs de stad sieren.

Of misschien is het beter om al deze interessante vrouwen een naam te geven in de Vrouwke Niemandstraat. Meer nog: ik zou voor hen een standbeeld willen oprichten, zoiets als het standbeeld bij het graf van de onbekende soldaat. Het is nog maar de vraag of ze een straatnaam en/of een standbeeld willen.
Misschien willen ze blijven intrigeren ipv beroemd zijn?

Mvg,

Frauke Jemand




Comment

Comment

Frauke J. Brief 19: 'Wat we zelf doen doen we beter' (deel 2)

Beste lezer,

 

Ik schreef u eerder al dat het ‘zelf doen’ een hoofdthema in ons leven wordt, en dat daar voor- en nadelen aan zijn. De toekomst is aan de nieuwe technologie en aan de robots, aangezien een heleboel menselijke contacten uitgeschakeld worden.

Zelf doen-1.jpg

Maar wacht tot er iets mis is met je bestelling, er een fout in een rekening sluipt of die online bestelde spulletjes niet deugen: dan begint het pas, want je moet iemand te spreken krijgen.

Onlangs liep er iets mis met mijn telefoonrekening. Mails, sms’en en, stel je voor: zelfs een brief lieten me weten dat al mijn telefonische activiteiten zouden worden afgekoppeld, én dat ik reactivering kosten zou moeten betalen om het systeem weer op gang te krijgen. Na het indrukken van x-aantal nummers - u kent het, ‘voor info druk 1, uw rekening betalen druk 2 etc. - weet je dan eigenlijk nog niet in welk hokje je vraag past. Ik waagde dus, ten einde raad, maar een gok, en wonderlijk genoeg kreeg ik een echte mens aan de lijn.

Ik moest beginnen met mijn klantnummer. Geïntimideerd door het nummergedraai, het wachten en eindelijk een stem die mij, godbetert, opnieuw een nummer vroeg, bracht ik er hortend en stotend uit dat ik achtervolgd werd door een rekening. Maanden geleden al had ik een brief gekregen dat de bank en de  telefoon-maatschappij dat zelf in orde zouden brengen.

‘Het systeem heeft een fout gemaakt’, vertelde de behulpzame stem, maar daar had ik geen boodschap aan, en op mijn beurt vroeg ik me luidop af waarom men mij achtervolgde met dreigbrieven en dreig sms’en dat mijn telefoon afgesloten zou worden en het de fout van ‘het systeem’ was.

‘Ik kan er niets aan doen’, zei de meneer, ‘het systeem heeft geen rekening gehouden met de fout in het systeem en u heeft niet betaald en dus reageert het systeem op uw niet-betaling’. Mijn adrenaline begon te stijgen en mijn bloed begon te koken, maar aan alles voelde ik dat dit een dovemansgesprek werd.

Het was alsof ik het hilarisch gesprek in een Brits komisch programma, waarin op elke klacht het antwoord kwam: ’computer says no’, live beleefde.

Na het gesprek kreeg ik, via mail, meteen drie vragen: was deze informatie duidelijk? Heeft dit gesprek u geholpen met uw probleem? Bent u tevreden over onze diensten? Ik heb de vragen onbeantwoord gelaten en dacht : ‘computer says NO!’

Het allergrootste probleem ontstaat wanneer je internet en je computer uitvallen, want dan valt je leven stil. Wanneer je nog niet over een computer beschikt ben je helemaal de klos. Want zelfs computer kan dan geen ‘NNNOOO’ meer zeggen.

Mvg,

Frauke J.


Comment

Comment

Frauke brief 18: ‘Wat we zelf doen doen we beter' (deel 1)

Beste Lezer,

Eind vorig jaar las ik in de krant dat er nu ook zelfafname tests bestaan ter preventie van baarmoederhalskanker. Je neemt zo’n uitstrijkje gezellig in je eigen kamer: klinische stoelen met  metalen of plastieken beensteunen komen er niet meer aan te pas. Niet langer wurmen koude metalen voorwerpen zich vakkundig door de donkere warme gang van je intieme delen.

Ook het darmkankeronderzoek hebben we grotendeels zelf in handen. Beste lezer ik raad je aan om zo een ‘darmkanker zelfpakket’ grondig te lezen en alles goed bijeen te houden; ik spreek uit ervaring. Zo’n set bevat dus informatie, een papier om je stoelgang op te vangen, een flesje of soort buisje met vloeistof waarin je een beetje van je stoelgang stopt. Tot slot krijg je ook nog een stevige envelop om het vrachtje op de post te doen. Alhoewel dit alles poepsimpel (!) lijkt is er toch enige behendigheid vereist om het gevraagde in het daartoe bestemde flesje te krijgen. Je stuurt het stoelgang staal naar een adres in ‘the middle of nowhere’ en enkele weken later krijg je een bericht of het al dan niet oké is, en dat je huisarts ook op de hoogte wordt gehouden.

Zelf Doen-11.jpg

Het zelf doen simpel toch?

Net zoals je zelf je geld afhaalt in de bank, je overschrijvingen thuis of aan het daarvoor bestemde kastje kunt regelen. Weg bankbediende.

Net zoals je je treinticket thuis kunt uitprinten of uit de muur. Weg loketbediende.

Net zoals je online je tickets kunt bestellen voor een concert. Weg lijzige stem van het reservatie bureau.

Net zoals je je uitgelezen boeken in de bib kunt achterlaten op een lopende band, en de nieuwe kunt scannen. Weg baliebediende.

Net zoals je in het museum je tassen en jassen in een locker kunt stoppen, waar je alles weer netjes kunt ophalen mits je je code niet vergeten bent.

Weg garderobebewaker.

Net zoals je je kleding, je meubelen, je medicatie etc…online kunt bestellen.

Weg apotheker, verkopers, winkelbediendes…alom.

Indien je een goed werkende computer hebt, indien je zelf kaas gegeten hebt van elektronica, indien je een goed werkend postbedrijf hebt: dan hoef je amper nog mensen tegen te komen - laat staan met iemand te spreken. Want iemand te spreken krijgen: dan kom je pas in de problemen…maar daarover later meer.

M.v.g.

 

Frauke J.

Comment

Frauke brief 17: ‘Te voet kom je overal’

Comment

Frauke brief 17: ‘Te voet kom je overal’

Waar is het voetpad gebleven?

 

Beste lezer,

 

Ik weet niet hoe het met uw lichamelijke conditie gesteld is, maar de mijne kan af en toe een extra duwtje in de rug gebruiken. Daarom ga ik veel te voet.

Aangezien ik in een verkeersluwe (zo noemt men dat tegenwoordig) straat woon - niet ver van het station, dicht bij het centrum van de stad - is te voet gaan een goede oplossing voor mij. Zo haal ik de nodige stappen per dag.

Wij voetgangers zijn zwakke weggebruikers en zijn dan ook blij wanneer we op een goed aangelegd voetpad kunnen lopen. In een straat zoals de mijne, een verkeersluwe dus, is het verschil tussen de stroken voor fietsers, voetgangers en automobilisten niet zo duidelijk.

Nu de fietser meer en meer in het straatbeeld is verschenen, en er allerlei andere vehikels op wielen te zien zijn, weten we niet goed meer wie waar moet rijden of stappen. Zo gebeurt het al eens dat, wanneer ik de deur uitkom, er een fietser voorbij flitst, of een skater langs mijn voordeur raast. Onlangs maakte ik mee dat een fietser mij bijna aanreed; hij remde fors en riep ‘Ik rij hier wel hé’ en waarop ik verbaasd ‘Maar waar moet ik dan lopen? Het is hier wel voor mijn deur zeg!’ en hij ‘Dat is uw probleem! De straat is van iedereen’. Dit om maar te zeggen dat er ook  iets mis is met de pikorde. Voorheen waren fietsers en voetgangers solidair ‘de zwakke weggebruikers’. Sinds er veel fietsers en mensen in/op andere vehikels zijn is dat niet meer zo.

Op verkeersluwe plaatsen gaat men ervan uit dat iedereen zijn gezond verstand zal gebruiken: daarom zijn er vaak ook geen zebrapaden meer. En werkelijk: dat werkt wel, maar er zijn altijd haantjes en hennetjes die met haast en spoed de trage weggebruiker van de weg willen maaien. Of autobestuurders die nog altijd niet door hebben dat ze geen koning(in) meer zijn in het verkeer. 

Daarom pleit ik ervoor om de voetganger blijvend een stoep, een voetpad of eigen duidelijke strook te geven. En dat het duidelijk is voor iedereen dat deze strook enkel en uitsluitend voor de voetganger is bestemd. Ik pleit voor duidelijke oversteekplaatsen voor voetgangers.

Met andere woorden ik ben een pleitbezorger voor de ‘zwakke weggebruiker’ die de voetganger is.

Mvg.

Frauke J.

Comment

Comment

Frauke J. Brief 16:’ De trein is altijd een beetje reizen’

Beste Lezer,

‘Waar is de conducteur naartoe? dat zullen we ons binnenkort afvragen…

 
Frauke_vanafBrief14-1.jpg
 

Laatst las ik in de krant dat treinmachinisten af en toe hun conducteur op het perron vergeten. Een verontrustend verhaal is dat, zowel voor conducteur als voor passagier. Nog erger wordt het wanneer onze spoorwegen een ballonnetje oplaten: de trein kan misschien wel verder zònder conducteur. Bij dit laatste bericht sloeg mijn fantasie op hol.

Ik weet niet of u vaak de trein neemt maar dat daar soms rare dingen gebeuren: dat is zeker. 

Het begint al bij het opstappen.

Ik zie ze soms lopen, de reizigers die net dat ietsje te laat zijn om hun trein te halen. Koste wat het kost willen ze toch nog mee. Ze lopen naar die ene open deur, waar de conducteur vertrekkensklaar staat, of hangen wanhopig aan een deur in de veronderstelling dat ze met een ‘sesam open u’ truuk nog binnen geraken. Gelukkig, voor hun veiligheid, is er dan de conducteur die laat merken dat niets nog baten mag: helaas! Sommige reizigers slaan geel, groen of blauw uit van ergernis.

En wat te doen met alle prangende vragen van toeristen en andere reizigers? Neem nu buitenlandse reizigers die in Brussel willen afstappen en plots merken dat daar drie afstapplaatsen zijn. Je kunt dan zeggen: ‘dat los je op met een bericht’, en denken dat iedereen Nederlands of Frans verstaat, maar dat is al lang niet meer zo. Wat met onze Chinese, Italiaanse, Spaanse etc…broeders en zusters?

Dan zijn er nog de vragen van onzekere reizigers, die er zich van willen vergewissen dat ze wel degelijk in de juiste trein zitten, zich ongerust maken of ze één of andere aansluiting wel zullen halen en niet weten op welk spoor ze dan moeten zijn.

Er zijn ook van die kleine akkefietjes die zonder conducteurs tussenkomst erg groot kunnen worden. Neem nu de luide beller die terechtgewezen wordt door een passagier. Er ontstaat een twistgesprek: wie zal dit ontzenuwen? Of de iets te enthousiaste supporters of schooljongeren die een hele wagon op stelten zetten en de andere reizigers intimideren. ….Of de oudere die in een overvolle trein een zitplaats opeist - en niemand wil die geven…

Wie moet al deze incidenten oplossen als er geen conducteur meer is? De passagiers?

Ik vermoed dat we dan Babelse toestanden krijgen.

Mvg,

Frauke J.

 

Comment

Comment

Frauke J. Brief 15: Kerst-en nieuwjaarsbrief

Moeilijke woorden: vredevol

 Beste Lezer,

Het liefst van al wens ik u in deze tijd een vredevolle Kerst en Nieuw jaar.

FraukeVaria-2.jpg

Maar ‘vredevol’ is opnieuw zo’n moeilijk woord, altijd al geweest, trouwens. We zijn er al eeuwen, met vallen en opstaan, mee bezig. Het voorbije jaar stond bol van de activiteiten die met het herdenken van de vrede in 1918 te maken hadden. Honderd jaar geleden, maar niet vergeten. We hechten aan vrede, we doen er alles aan om die vrede te gedenken, en dat het goed is voor het West toerisme is mooi meegenomen. Misschien is vrede gedenken iets gemakkelijker dan vrede bewaren.

En toch…

In het najaar zaten hier tijdens een middag drie meisjes op een bank, hun boterhammen op te eten. Ik stond aan mijn deur en hoorde hen bezig. Eerst waren ze wat gek aan het doen, er vielen grappen over leraars en zo, tot plots één van hen zei: ‘We werken aan een vredesproject in onze klas’.

‘Vrede, vrede, vrede…het is een groot woord maar wat is dat eigenlijk? Het is overal ruzie en miserie’, zei de tweede.

‘Geen oorlog en zo… niet vechten en wij ook niet pesten’, zei het eerste meisje.

‘Ja, ze kunnen het ons maar best zo vroeg mogelijk uitleggen, die volwassenen, want zelf bakken ze er niet veel van’, sprak de derde, die blijkbaar de oudere soortgenoten niet hoog inschatte.

Ik maakte mezelf zoveel mogelijk onzichtbaar.

‘Ik vind dat er veel ruzie gemaakt wordt, en gestookt ’, zei de derde, ‘en het is in de hele wereld zo: overal stokebrand’.

‘Zo begint een oorlog, kijk bij ons op school wanneer we elkaar verwijten of belachelijk maken: dan zit het spel op de wagen en wordt er gevochten’, zei de tweede, ‘in de wereld is dat niet anders’.

‘We kunnen beter leren op een fatsoenlijke manier met elkaar te praten, dat is misschien al een begin’, opperde er één.   

‘Jullie brengen mij op een schitterend idee: ‘Fatsoenlijk met elkaar praten als aanloop naar vrede’: dat zal de titel worden van mijn presentatie voor het project.’

Een goed idee! beaamden de twee anderen, en zeker ook iets zeggen over dat facebook- en instagram pesten. En het twitteren bij de volwassenen! vulden ze nog aan. Intussen waren de boterhammen op en schakelden ze moeiteloos over op jonge meiden praat.

Ik bedacht dat het ondanks alle smeulende vuren in de wereld hoopvol was dat er zulke wereldwijze jongeren bestaan. Al zie ik soms ook wat anders in mijn straatje: aan het einde van een jaar zet ik echter mijn roze bril en probeer het goede beter te zien.

Bij deze, beste lezer, wens ik dat we vredig en voluit met elkaar van gedachten kunnen wisselen in deze kerstdagen, en straks in een vol nieuw jaar.

Mvg

Frauke J

Comment

Comment

Frauke J. Brief 14: Moeilijke woorden: Menselijkheid(1)

Beste Lezer,

Een tijd geleden las ik in de krant dat een priester aan de Belgische kust met de dood werd bedreigd. Wat hij dan misdaan had? Hij gaf mensen iets te eten. Het voelde alsof de wereld op zijn kop stond.

Ik vroeg me af wat we dan bedoelen met het veel gebezigde woord ‘menselijkheid’.

Leerden wij niet: ‘bemin uw naaste zoals uzelf’’. Dat was een opvatting binnen een bepaalde religie, maar het bood houvast. Ik hield trouwens veel van het verhaal van de barmhartige Samaritaan die zijn mantel schonk aan wie geen kleren had. De naakten kleden, het klonk heldhaftig en er was iets menselijks aan.

Ook wie niet religieus was leerde over ‘menselijkheid’, er bestond zo’n klein boekje waarin ‘de rechten van de mens’ beschreven stonden. Zoals dat ‘iedereen recht op leven in veiligheid heeft’, dat ‘iedereen recht heeft op dezelfde bescherming als iedereen’: kort en bondig beschreven, in klare taal.

Je moest dat kleine boekje van buiten kennen, net zoals de tafels van vermenigvuldiging, de tien geboden etc…Natuurlijk vergat je later wel één en ander maar het belangrijkste heb ik er toch van onthouden. Ik vind misschien niet de juiste woorden maar de kern van het verhaal was dat het met ‘menselijkheid’ en ‘waardigheid’ te maken had.

Meer nog: je kon bij wet bestraft worden wanneer je geen hulp bood aan een mens in nood.

Wanneer ik vandaag in de krant of op TV al die harde uitspraken hoor of lees over vluchtelingen vraag ik mij af of niet iedereen dat boekje van de ‘Rechten van de mens‘ van buiten heeft moeten leren, en of sommige mensen alles zijn vergeten? Meer nog, ik vraag me af wanneer de wetgeving  op menselijkheid veranderde?  Je kunt nu blijkbaar bestraft worden voor het geven van bijstand aan een mens in nood…Heb ik iets gemist?

Soms kan ik het allemaal niet meer volgen al lig ik er wel van wakker.

 Mvg.,

 Frauke J.

Comment

Frauke J. Brief 13: ‘Wij bekommeren ons om uw veiligheid’

Comment

Frauke J. Brief 13: ‘Wij bekommeren ons om uw veiligheid’

Beste Lezer,

 De laatste jaren is er veel te doen over ‘veiligheid’. Je leest erover in kranten, je hoort erover op straat, tijdens verkiezingscampagnes etc… zodat je vanzelf gaat denken dat er iets aan de hand is met veiligheid.

Ik heb mezelf de vraag gesteld wanneer ik me onveilig voel en waar ik dan echt bang voor ben. In mijn vorige brieven kon u lezen dat ik me, met de fiets en te voet, onveilig voel in een verkeer dat zijn regels en afspraken nog niet aangepast heeft aan het toenemend aantal fietsen en andere vehikels.

Maar onlangs bekroop mij een ander gevoel van onveiligheid dat veel groter was: bij het bekijken van een documentaire over Japan. Ik zag een man staan temidden van iets wat leek op een maanlandschap. Rond zijn huis lag een afgetekende grote ruit waarin hier en daar een paaslelie en een armzalige grasspriet de kop op staken. De oude man vertelde hoe, na de ontploffing in de kerncentrale van Fukusjima, iedereen uit het dorp vertrokken was behalve hij en zijn stokoude buurvrouw. Ze hadden zelfs geen postnummer meer en dus ook geen post.

Het verhaal werd erg aandoenlijk toen de man vertelde dat hij daar bleef wonen omdat de grond van zijn ouders en voorvaderen was. Zij en ook hij hadden van deze groenten- en bloementuin hun levenswerk gemaakt .‘Dit levenswerk is nu vernietigd’ bracht hij nog uit,’ op enkele bloemen na’. De documentaire eindigde met het beeld van een man alleen middenin een woestenij en een buurvrouw met drie armzalige paaslelies in de hand.

Die nacht lag ik te woelen in bed, kon ik de slaap niet vatten. Wat is er echt mis met onze vier kerncentrales die niet meer werken, vroeg ik me af en wat als hier een ramp gebeurt? Vermoedelijk zal een tube jodiumpillen dan niet volstaan.

 Mvg,

Frauke J.

Comment

Comment

Frauke J. Brief 12: Moeilijke woorden(1)

Beste Lezer,

Sta me toe u vandaag te schrijven over iets anders dan dat lastige vervoer.

Beter praten met een bloempot dan tegen een muur’

Dat stond onlangs in de krant. Er stond een foto bij van een, naar mijn bescheiden mening, zeer lelijke pistachekleurige bloempot waar een scheef gezicht in zat.

Er werd een pleidooi gehouden voor robotbloempotten die voor ‘eenzame mensen’ veel zouden kunnen betekenen. Het gebeurt de laatste tijd wel meer dat er geschreven wordt over ‘eenzame mensen’ en meestal wordt dat gelinkt aan ouderdom. De robot biedt dan een oplossing. De robot zal binnenkort naast het verrichten van huishoudelijk werk en het functioneren als oppas, ook met eenzamen kunnen praten. Je zou gaan geloven dat ‘de robot’ onze nieuwe familie wordt.

Heb jij ook de indruk, beste lezer, dat er zoveel woorden rondgestrooid worden waar wij nogal snel overheen gaan? Daarom wil ik af en toe voor u en voor mezelf even klare wijn schenken. Ik heb het woord ‘eenzaamheid’ namelijk opgezocht en vond  een mooie invulling: "eenzaamheid is het fysiek ervaren van een gebrek aan verbondenheid met anderen" (Rijks 2014).

Maar nu ik een verklaring van het woord heb blijf ik het toch moeilijk vinden. Wanneer ben je eenzaam? Ben ik eenzaam omdat ik alleen woon? Zijn ze in de huizen waar ze met twee of vier wonen minder eenzaam? Ben ik eenzaam omdat ik oud ben? Hoe is het gesteld met de jongere alleen op een kamertje? En de alleenstaande moeder met drie kinderen: is die eenzaam? En wat met de werkloze die door de straten doolt?

Spontaan denk ik:  ‘ik ben alleen maar daarom nog niet eenzaam’. Wanneer ik een hele dag niemand zie dan ga ik in mijn deur staan en kijk naar de voorbijgangers. Er is altijd wel iemand die een praatje maakt of een hand op steekt. Ik praat liever met echte mensen dan tegen bloempotten. En als er echt echt niemand is dan praat ik tegen mijn planten en niet tegen de potten. Mijn planten antwoorden niet met een sonore stem ‘g-e-e-f m-i-j w-a-t-e-r’ maar ze leven: ik zie ze groeien en bloeien. Ik praat tegen mijn parkieten, ze twitteren vriendelijk terug.

Ik zou zeggen: geef de eenzamen wat geraniums ipv een robotbloempot en laat ons met elkaar praten, of met de vogels, de vissen…en de bloemen..

Leg mij eens uit hoe ik mij ‘fysiek verbonden’ zal voelen met een machine die geen mensen noch dierentaal spreekt.

Wat maken we onszelf toch allemaal wijs?

Mvg

Frauke J.

Frauke_N (6).JPG

 

Comment